De klipper Poseidon is gebouwd in 1903 op de werf Duyvendijk te Papendrecht als de Zuid-Holland, de naam die elk schip kreeg van de familie Swets. Altijd is het schip in de familie gebleven, van vader op zoon. Puur op windkracht werd er een halve eeuw vracht gevaren rondom de wateren van Zeeland. Met in het laadruim bouwmaterialen voor de Zeeuwse dijken. Ook ging de reis regelmatig naar Duitsland, waar kolen en stenen gehaald werden. Later werd het schip gebruikt voor het vervoer van suiker.
In 1956 is het omgebouwd tot motorschip en zo heeft het dienst gedaan tot 1997 in de vrachtvaart. Door het verdwijnen van de Beurs in Rotterdam, werd het voor een binnenvaartschip van 260 ton niet meer rendabel om te blijven varen. En dus kwam het schip te koop. De laatste schipper Theo Swets zocht en vond een baan aan de wal en het schip kwam in handen van Frans en Frouke Fischer.
Na 1 jaar waarin de renovatie plaats vond, was de klipper weer de fiere zeiler van weleer. De Poseidon (niet voor niets genoemd naar de god van de zee) heeft een handzame tuigage met grootzeil, bezaan, fok en 2 kluivers.